Minimalistische natuurfotografie

Wie landschapsfotografie zegt, denkt meteen aan uitgestrekte vergezichten met imposante bergketens, duizelingwekkende kliffen en dreigende wolkenluchten. Maar landschapsfotografie is veel meer dan enkel panorama’s van indrukwekkende locaties. Uitgepuurde beelden waarbij je focust op de essentie zijn vaak een stuk krachtiger en vertellen ook iets meer over de fotograaf zelf. In dit artikel reduceren we het landschap tot de essentie en maken we persoonlijke beelden waar eenvoud, harmonie en orde centraal staan

Dennen in de Mist

Het landschap wordt opgebouwd uit verschillende elementen, lagen en details en dat maakt het voor de fotograaf niet altijd gemakkelijk om de essentie van de omgeving vast te leggen. Vaker dan niet wordt er meteen naar de groothoeklens gegrepen om zoveel mogelijk van het landschap te laten zien. Toch maakt dat de beelden vaak druk en verwarrend voor de kijker. Er zijn immers zoveel verschillende zaken die om aandacht schreeuwen, waardoor het niet altijd meer duidelijk is wat nu eigenlijk het onderwerp van de foto is. Bovendien verzwakken te veel verschillende elementen de compositie en maken ze het beeld druk en chaotisch. De meest krachtige beelden zijn vaak de eenvoudigste en tonen de kijker meteen wat het onderwerp is. Bij minimalistische fotografie ga je hierin nog een stapje verder en herleid je de scène tot de essentie waarbij slechts één of enkele elementen overblijven. In tegenstelling tot klassieke landschapsfotografie waarbij lijnen, patronen, vormen en kleuren het beeld bepalen, zullen bij minimalistische beelden de tinten en elementen uiterst beperkt zijn. Het resultaat? Eenvoudige en harmonieuze beelden met veel open ruimte die eigenlijk meer vertellen over de fotograaf dan over het landschap. Klaar om de omgeving tot de essentie te herleiden en unieke beelden te maken met een persoonlijke touch?

Kerk in de mist

De juiste locatie

Hoewel je minimalistische beelden zowat overal kunt maken als je de juiste techniek toepast en de goede omstandigheden afwacht, zijn er toch locaties waar het iets gemakkelijker zal gaan. Drukke omgevingen zoals bossen, steden of dorpen kan je beter vermijden. Ga eerder op zoek naar weidse open landschappen op het platteland, in de duinen of op het strand. Dergelijke locaties zijn doorgaans al vrij minimalistisch op zich en bestaan grotendeels uit een vrij desolate voorgrond en een open lucht. Op deze locaties ga je vervolgens op zoek naar een pakkend onderwerp dat omgeven wordt door heel wat open ruimte. Denk bijvoorbeeld aan een eenzame boom, een schuur, enkele (weide)paaltjes, een steiger, golfbreker of vuurtoren

Droomlocaties voor minimalistische beelden

  • Zeeland: van Cadzand tot Westkapelle vind je talloze steigers, pieren en golfbrekers op het strand. Ook de Zeelandbrug, het Veerse meer en Neeltje Jans zijn een stop waard.
  • Opaalkust: nog meer paaltjes vind je in Noord-Frankrijk ter hoogte van Sangatte of Wissant.
  • Waddeneilanden: de natuurlijke schaarsheid en uitgestrektheid van de zandduinen en -stranden op de waddeneilanden maakt het een geschikte locatie om uitgepuurde beelden te maken.
  • Hoge Venen: de hoogste regionen van ons land zitten vaak in de mist of worden bedekt met een dik pak sneeuw. Dit zijn de omstandigheden bij uitstek om op jacht te gaan naar minimalistische beelden.
  • Platteland: uitgestrekte weilanden en akkers vind je bijna overal. Denk bijvoorbeeld aan het Meetjesland of de Uitkerkse polders. Ga er op zoek naar solitaire bomen, bomenrijen of boerderijen.
Spar in sneeuwlandschap

De juiste omstandigheden

Naast de juiste locatie is het ook belangrijk om de juiste omstandigheden af te wachten. Dichte mist of sneeuw zijn perfect voor het maken van sterk vereenvoudigde beelden. Het landschap wordt monochroom, storende elementen verdwijnen en overal duiken minimalistische foto's op. Zie het niet te weids en ga op zoek naar eenvoud en soberheid. Bomen doen het altijd goed en vind je overal. Knotwilgen in het bijzonder zijn erg fotogeniek: hun donkere bast en vaak verweerde vorm contrasteren mooi met de maagdelijk witte sneeuw.

Ook de wolkenlucht speelt een belangrijke rol. Doorgaans ga je als landschapsfotograaf op zoek naar magisch licht en een indrukwekkende lucht, maar voor minimalistische beelden is dat minder van belang. Een egaal grijze of blauwe wolkenlucht maakt het beeld vaak sterker, omdat er minder detail aanwezig is dat het beeld drukker zou kunnen maken. Voor minimalistiche foto’s hoef je dus zeker niet de allerbeste omstandigheden af te wachten. Ook bij minder goed weer of op een stralende zomerdag kan je eropuit trekken.

Negatieve ruimte

Om de omgeving tot de essentie te herleiden is het belangrijk om eerst even stil te staan bij de elementen die jouw aandacht opeisten. Vaak is dit een goed uitgangspunt om de compositie te bepalen. Vraag je hierbij af waarom je het beeld nu eigenlijk wou maken? Werd je aandacht getrokken door de lucht, die prachtig verweerde boom of dat eenzaam stalletje in de verte? Laat alles wat van ondergeschikt belang is weg en focus op de essentie. Wat je niet laat zien is minstens even belangrijk als wat je wel laat zien. 

Door extra lege ruimte rondom het onderwerp te voorzien benadruk je het minimalistische gevoel en krijgt het subject alle aandacht. Deze lege ruimte wordt ook wel negatieve ruimte genoemd en is de “witruimte” rondom het onderwerp. Ze is net zo veel van betekenis als het onderwerp zelf en geeft een gevoel van ruimte en schaal. Daarnaast helpt ze ook om de foto een uitgestrekt, desolaat of geïsoleerd gevoel te geven.

Paarden in de sneeux

Ook de plaatsing van het onderwerp in het frame is uitermate belangrijk. Omdat het beeld slechts uit één of enkele elementen bestaat, heb je veel meer mogelijkheden om te kiezen waar je het onderwerp gaat plaatsen. Als je de regeltjes van compositie volgt, plaats je het subject best op één van de snijpunten van de gulden snede. Je kan echter ook experimenteren en het onderwerp extra in de verf zetten door het gewoonweg in het midden te plaatsen. Zo eist het subject meteen alle aandacht op. Deze techniek is bijzonder effectief wanneer er symmetrie in de foto aanwezig is die hierdoor extra benadrukt wordt. Of waarom plaats je het onderwerp niet eens in de hoeken of aan de rand? Door te experimenteren en op zoek te gaan naar gewaagde composities kan je de kijker verrassen en aan het denken zetten.

Het beeld kan je verder vereenvoudigen door gebruik te maken van beperkte scherptediepte. Hierdoor zie je minder detail in de achtergrond en blijft het beeld rustiger. Dit komt het minimalistische karakter van de foto uiteraard ten goede. Deze geringe scherpte kan je ook gebruiken om een onscherpe voorgrond te creëren wanneer je vanuit een laag standpunt doorheen de vegetatie fotografeert. Hiermee kan je het onderwerp omkaderen of storende elementen in het beeld verbergen. Deze techniek is bijzonder efficiënt bij sneeuw: er ontstaat een onscherp wit kader waarmee je het onderwerp extra in de verf zet. Bovendien kan je alle onzuiverheden in de foto verdoezelen zodat een maagdelijk wit landschap ontstaat.

Groothoek of tele?

Landschappen fotografeer je doorgaans met een breed scala aan lenzen, gaande van een groothoek om de weidsheid van het landschap vast te leggen tot een telelens waarmee je de kleinste details uit het landschap filtert. Bij minimalistische landschapsfotografie zal je echter goed moeten nadenken in welke omgeving je welke lens toepast. Een groothoek gebruik je vooral in weidse open kunst -of plattelandslandschappen waar weinig storende elementen opduiken die het beeld of de horizon kunnen verstoren. Deze lens kan je dus niet gebruiken in een drukkere omgeving, want dan duiken te veel hinderlijke elementen op en wordt het onmogelijk om minimalistische beelden te maken.

Een telelens is dan weer ideaal op plaatsen waar veel te zien is. De grotere brandpuntsafstand laat toe om slechts een beperkt deel van het landschap af te beelden. Dergelijke lenzen maken het dus eenvoudiger om minimalistische foto’s te maken. Je kan immers veel van de storende elementen uit beeld laten door in te zoomen op het landschap. Bovendien kan je het onderwerp van op veel grotere afstand fotograferen wat onmogelijk is met een groothoeklens waarbij je altijd dichterbij moet komen.

Welke lens je kiest hangt dus grotendeels af van de omgeving. Zoomlenzen genieten echter wel de voorkeur. Ze zijn een pak flexibeler omdat je niet altijd in de mogelijkheid bent om dichterbij te wandelen om dichter bij het onderwerp te komen. Bovendien heb je veel meer controle over het kader. Door meer of minder te zoomen bepaal je de grootte van het onderwerp en de hoeveelheid negatieve ruimte eromheen.

Haukland beach

Lange sluitertijd

Om het beeld nog te vereenvoudigen, kan je gebruik maken van een langere sluitertijd om de details in het water of de wolkenlucht te vervagen. In vele gevallen zal je hiervoor grijs- of ND-filters moeten gebruiken. Je streeft immers vaak naar een sluitertijd van 30 seconden tot een minuut om het water of de wolken volledig te vervagen. Tijdens de vroege of late uurtjes volstaat een filter van 4 tot 6 stops (afhankelijk van de hoeveelheid licht), maar overdag heb je vaak 10 stops of meer nodig om dergelijke lange sluitertijd te kunnen behalen. Dergelijke filters zijn echter niet zo eenvoudig in gebruik: eenmaal voor de lens geschroefd, zie je amper iets door de zoeker. Bovendien ben je vanaf een sluitertijd langer dan 30 seconden aangewezen op manuele belichting in de bulb-stand.

Hoe ga je nu met deze filters aan de slag? Eerst en vooral fotografeer je vanaf een stevig statief en gebruik je een draadontspanner. Je begint met het bepalen van de compositie, zodat je die later niet meer hoeft te corrigeren. Je plaatst de camera in de ‘A(v)’-stand (diafragmavoorkeuze) of ‘M’-stand (manuele), bepaalt het diafragma en stelt manueel scherp. Ten slotte maak je een ‘testfoto’ en controleer je aan de hand van deze foto de belichting. Pas hierbij steeds ‘expose to the right’ (ETTR) toe, want een beeld dat nu al een beetje onderbelicht is, zal een veel te donkere foto opleveren wanneer je de filter toepast.

Onthoud de sluitertijd van de goed belichte foto (zonder filter) en bereken wat deze wordt wanneer je een 10-stops grijsfilter voor de lens plaatst. Hiervoor bestaan allerlei handige apps zoals Lee Stopper, PhotoPills, Long Exposure Calculator, enz. Pas wanneer compositie, scherpstelling en belichting helemaal goed zitten, schuif of schroef je de filter voor de lens, scherm je de zoeker af en maak je de foto. Als de sluitertijd in combinatie met de filter langer dan 30 seconden wordt, schakel je over op manuele belichting in de bulb-stand. Een camera is immers doorgaans beperkt tot een maximale sluitertijd van 30 seconden. Op sommige camera’s zie je een teller lopen, bij andere camera’s ben je dan weer aangewezen op je horloge om de juiste belichtingstijd te bepalen.

Dergelijke lange sluitertijden kan je ook toepassen in situaties waar je uiterst minimalistische beelden maakt waarbij een echt onderwerp afwezig is en het beeld uit niets meer bestaat dan water en lucht. Het resultaat is een abstracte en impressionistische foto van lagen en kleurtonen.

Stappenplan voor lange sluitertijden

  1. Bepaal de compositie en het diafragma, en stel manueel scherp. Werk steeds vanaf een stevig gepositioneerd statief.
  2. Maak een testfoto en controleer de belichting.
  3. Noteer of onthoud de sluitertijd van een goed belichte foto (zonder de filter!).
  4. Bereken de sluitertijd in combinatie met de filter.
  5. Zet de camera in de manuele of bulb-stand als die langer wordt dan 30 seconden. Behoud hierbij dezelfde diafragma en ISO-waarde.
  6. Schuif of schroef de filter voor de lens.
  7. Dek de zoeker af en belicht manueel met behulp van de draadontspanner.
  8. Check de belichting aan de hand van het histogram. Vermijd onderbelichte foto’s. Belicht wat langer of verhoog de ISO-waarde als de foto te donker oogt.
Grauwe franjepoot in high key

High Key

Je kunt de beelden niet alleen minimalistischer maken met een lange sluitertijd. Ook door te experimenteren met de belichting en te fotograferen in high key maak je het beeld rustiger. Hiervoor moet je sterk overbelichten, zodat de grijze tonen in het beeld helemaal wit worden. Vaak moet je hiervoor minimum 2 tot 3 stops extra licht toevoegen. De beste resultaten bereik je wanneer het bewolkt is of bij dichte mist of sneeuw. Op dergelijke momenten zijn de tonen in het landschap sowieso al vrij minimalistisch. Het is bovendien de manier bij uitstek om storende vlekjes in de maagdelijke witte sneeuw te verbergen. Omdat je zo veel overbelicht, wordt de sneeuw puur wit en verdwijnen alle onzuiverheden. Deze techniek kan je bovendien ook toepassen wanneer je fauna en flora fotografeert. Denk maar aan een vogel in een sneeuwlandschap, een vlinder tegen een witte achtergrond of de contouren van een bosanemoontje gepositioneerd tegen de lucht. Het resultaat is een desolaat beeld waarbij het onderwerp zich aftekent tegen een (sneeuw)witte achtergrond.

Omgevallen spar in de sneeuw

Kleuren en tonen

Bij minimalistische fotografie probeer je het aantal elementen in het beeld te beperken en dat doe je best ook met het aantal kleuren. Let erop dat het beeld vooral bestaat uit een palette van zachte tinten met weinig variatie in toon of kleur. Zijn er opvallende kleuren aanwezig? Beperk dan hun aantal tot twee of drie anders gaat het beeld er te druk uitzien. Dat is ook de reden waarom minimalistische beelden het goed doen in zwart-wit. Doordat alle kleur verdwijnt, wordt het beeld verder vereenvoudigd en gaat de aandacht volledig naar het onderwerp, de vormen en de lijnen.

Jonge berk in de sneeuw

Andere kijk

We hebben minimalistische fotografie voorlopig vooral toegepast op landschappen en fauna en flora, maar er zijn uiteraard nog veel meer onderwerpen die je op vereenvoudigde manier in beeld kunt brengen. Kijk dus niet alleen rondom jou, maar let ook op de details voor je voeten: een kleurrijke kei op het lege strand, een eenzame klaproos te midden een graanveld of een paar twijgjes die boven de sneeuw uitsteken. De mogelijkheden zijn eindeloos voor wie ze wil zien.

Verdronken landschap vanuit de lucht

Beschik je over een drone? Ga dan op zoek naar minimalistische landschappen vanuit vogelperspectief. Tilt de camera naar beneden en focus op de prachtige structuren en kleurenvlakken onder je: een mozaïek van weilanden, een eenzaam bootje te midden het water of een solitaire boom als middelpunt van de omgeving. Door hoger of lager te vliegen kan je het onderwerp meer of minder beeldvullend in beeld brengen. Hou het beeld abstract en laat niets van de lucht zien, want dan wordt de foto te herkenbaar en verdwijnt het minimalistische karakter. Let daarnaast ook goed op de randen van het kader en vermijd storende elementen die het beeld drukker kunnen maken.

Less is more

Minimalistische fotografie is veel meer dan enkel het maken van vereenvoudigde beelden. Het zijn foto's die een verhaal vertellen en een ander perspectief geven aan de omgeving. Vaak gefotografeerde locaties worden plots op een heel andere manier in beeld gebracht. Stap dus af van het idee om alles in één keer vast te leggen, want dat maakt beelden vaak druk en onoverzichtelijk. Door alles te verwijderen wat overbodig is breng je de compositie terug tot de essentie en maak je beelden met een persoonlijke touch die niet alleen de omgeving op een bijzondere manier weergeven, maar ook een meer verhalend karakter hebben.

Share: